(Tour 2011 – Rit 21 – Créteil – Parijs – vlakke rit)
er zijn er die vragen waarom
de koers ons aan het dichten brengt
alsof aan mannen die de dagen
op wielen malen niets mankeert.
in poezie mankeert altijd iets.
of dit: campert vindt dat poezie een daad is
van bevestiging, wat dan te zeggen
van de volwassen man die het land
rond rent, zich kreupel klimt
en als een kamikaze daalt
voor een nieuwe trui?
neen, serieus, het is lyriek.
de ronde de metafoor: een eindeloos
grillig landschap van vluchten
en volgen, veinzen
en vechten
dat uiteindelijk plots weer
in een stad verandert, een stad
waar alleen flaneren
nog past.
- Sylvie Marie
Begin augustus verschijnen de dagelijkse GEELZUCHT-bijdragen van Sylvie Marie, Paul Rigolle, Patrick Cornillie, Norbert De Beule en Frank Pollet opnieuw in boekvorm. Het wordt weer een unieke hardcover-uitgave die éénmalig in een oplage van slechts 100 genummerde en door de vijf dichters gesigneerde exemplaren op de markt wordt gebracht.
In tegenstelling tot vorig jaar komt er géén goedkopere paperbackversie.
Interesse? Wacht niet, want wie het eerst komt, eerst maalt. En op = op = op!
De boekversie bevat bovendien van elke dichter een ongepubliceerd wielergedicht, en uniek fotomateriaal.
Wil je het boek bestellen?
Voor België
Twee mogelijkheden:
1) Wij sturen het boek op.
In dat geval stort je 17 euro (15 voor het boek + 2 euro verpakkings- en verzendkosten) op IBAN BE 32751204161802 met vermelding GEELZUCHT II.
2) Je haalt het boek af.
GeelZucht II wordt officieel gepresenteerd op 23 augustus e.k. in boekhandel De Zondvloed in Roeselare. Meer info volgt. Wie het boek daar afhaalt, betaalt uiteraard géén verzendkosten en schrijft dus 15 euro over op IBAN BE 32751204161802 .
Als je naar de boekpresentatie komt, gelieve dit dan ook eventjes te mailen: deletterloods@gmail.com
Voor Nederland
Om gruwelijk hoge verzendkosten te voorkomen, kunnen onze Nederlandse wielerpoëzieliefhebbers hun exemplaar of exemplaren bestellen via Sportmediashop.nl waar Bert Hulleman ervoor zorgt dat de boeken netjes thuis worden afgeleverd.
Bellen? Geen probleem: Nederlanders kiezen 0578 616585, de anderen 00 31 578 616585. Mailen kan uiteraard ook, en wel naar sportmedia@hetnet.nl
GEELZUCHT II, hardcover, stofwikkel, genummerd, gesigneerd, €15,00 exclusief verzending.
De cover is een ontwerp van dichter David Troch.
(Tour 2011 – rit 20 – Grenoble – Grenoble – individuele tijdrit)
1
Tytsjerk- Ryptsjerk
Ik rijd de wedstrijd van mijn leven
na zes pinten en acht zaligheden
van café De Gouden Leeuw
naar herberg De Vier Eemers
(ten tijde van Raas en Lubberding
timmerde ik op mijn knieën aan de weg
van Ulensprong naar Haneburen
een stratenmaker met een wereldplan)
Praat met een rondje renners in mijn hoofd
Robje Ruijgh, Bauke Brutt & Johnnie Walker
Leve tijdverlies bij het heffen van een glas!
Wed dat Lieuwe Westra straks de tijdrit wint
bedenk alvast een nieuwe rit in lijn
van Grut Wyngaarden naar Lippenhuzen
2
Beekstraat – Beekstraat
Een dichter is een eigenaardig dier
Een Lieuwe is hem liever dan een leeuw
Tony Martin’s Pale Ale smaakt hem beter
dan Maxime 11,3 % Montfort
De dichter vindt: een stratenmaker
heeft meer recht op fietsen in de stad
dan bijvoorbeeld een dompteur (of hondenfluisteraar)
(OK, die dompteur mag wel nog in de piste)
Een dichter houdt niet echt van precisie-uurwerken
Een reiger is hem liever dan een koekoek
(klokken bespoedigen het verval)
De dichter schrijft verzen in het slakkenhuis
(waar tijd tikt morabito morabito als een bom)
Honderd klokken in Grenoble doen Grenoble bonzen
vier klaplopers klappen veel te hard
In de verte blaft een hond
Koest Molly! Baasje komt zo
gooit even nog een leeuwtje in de lucht
De dichter veegt de straten schoon.
-Norbert De Beule
(Tour 2011 – rit 19 – Modane Valfréjus – Alpe d’Huez – bergrit)
We zijn opgewarmd
voor een stomende spurt
van zo’n 100 kilometertjes
want dit is een ritje van 3
cols en 7 haasten, dit
is een rit van elke trui
die vreemdgaat, andere
schouders kleurt, een rit
van knuppels in het haantjeshok,
van 21 bochten (die ik in wiel
en woorden weet) van vleugels
en verlies, van ridders
en van mis, van alles of van niets,
van alles op zijn kop en van de kop
af demarreren, weer gegrepen worden
en van gekken langs de weg
die helt en helt en over
-helt naar wie weet welke held.
- Frank Pollet
(Tour 2011 – rit 18 – Pinerolo – Col du Galibier – bergrit)
Dit is wat we vandaag
hebben gezien: een kampioen
die op volle kracht een col opstoomt,
verlokt door de legende,
begeesterd door Het Idee –
als het ware op een chopper,
zoals Dennis Hopper in Easy Rider,
maar dan in een cultfilm die de Tour
heet. En een soundtrack in het stevige
ritme van een Trek.
Zo stoutmoedig en born to be wild
ging Andy Schleck tegen de woeste
Galibier aan, als een hongerige
Steppenwolf voorbij de grens van
de mens, voorbij het aardse bestaan.
*
Dit is wat we vandaag
niet hebben gezien: de bus
op de Galibier, vol van passagiers
zonder plezier, morrend over deze
daguitstap in het verkeerde decor.
Een bus als overladen vracht
voor de geloste die opgeblazen is,
voor hij die nog wel wil, maar niet meer
kan. Voor hij die het best nog kan, maar
het helemaal niet meer wil.
Het is de gammele kar waarin
ze samenklitten: de renners zonder
hoop, de lanterfanters, de uitgebluste
knarren. Het is een bus waarin niemand
aandringt om bij het raam te zitten.
- Patrick Cornillie
(Tour 2011 – rit 17 – Gap – Pinerolo – bergrit)
1
Mijn nonkel Bernard (†)
keek altijd naar de Tour
op de teevee, alleen
maar voor de panorama’s,
al de rest interesseerde hem
geen wiel.
Tijdens deze rit gras
-duin ik volop
in de nieuwe Clickx
wegens geen koers
en geen panorama’s
die naam waardig.
‘Drie lezers testen acht monitors.’
Zou daarop de rit
wel boeiend zijn?
2
‘Wij hadden die laatste col
grondig verkend, we wisten dat
de afdaling heel erg
gevaarlijk was. Jammer
dat de concurrentie
hetzelfde heeft gedaan.’
3
Rob Ruijgh valt
in de eerste bocht
van de laatste col
van de dag. W a a r
i s C o n t a d o r ?
Ik leg de Clickx opzij.
4 [ Over de Côte de Pramartino ]
Lichtvlekken in de schaduw. En hier
en daar een renner die zwoegt
en zweet en zwalpt en plots
demarreert Contador. Contador!
‘Maar Schleck gaat heel vlot mee…’
Een renner neemt een bocht
bijna te ruim en even later
veel te breed. De bomen blijven
mild voor hem en zelfs een tuin
glimlacht zijn hekken open.
Weer later hangt de gele trui
zo goed als in een boom
en gaat hij op visite langs
hetzelfde sympathieke hek.
Het was wel een lelijk hek,
had mijn nonkel Bernard vast gezegd.
- Frank Pollet
(Tour 2011 – Rit 16 – Saint-Paul-Trois-Châteaux – Gap – heuvelrit)
Dag zestien alweer. Zo’n dag is het
waarop je zoekt naar de taal die na
kan bootsen wat er niet gebeurt.
De wetten van het peloton zorgen
wel vaker voor een schimmenspel.
Een rotvaart in het begin tot alles plots
weer stokt en de Noren zomaar voor
de zege mogen gaan, leg het maar uit.
De duik naar Gap lijkt niet meer
dan een maat voor niets te zijn.
Er woedt een oorlog die onzichtbaar blijft.
Seconden tikken weg maar de tijden
zijn niet langer wat ze zijn. Wie vandaag
een tik kreeg uitgedeeld kijkt vanavond
in zijn hoofd al tegen bergen aan.
- Paul Rigolle
E X C L U S I E F
GEELZUCHT II in boekvorm!
Begin augustus verschijnen de dagelijkse GEELZUCHT-bijdragen van Sylvie Marie, Paul Rigolle, Patrick Cornillie, Norbert De Beule en Frank Pollet opnieuw in boekvorm. Het wordt weer een unieke hardcover-uitgave die éénmalig in een oplage van slechts 100 genummerde en door de vijf dichters gesigneerde exemplaren op de markt wordt gebracht.
In tegenstelling tot vorig jaar komt er géén goedkopere paperbackversie.
Interesse? Wacht niet, want wie het eerst komt, eerst maalt. En op = op = op!
Hoe kom je in het bezit van dit hebbeding?
Twee mogelijkheden:
1) Wij sturen het boek op.
In dat geval stort je 17 euro (15 voor het boek + 2 euro verpakkings- en verzendkosten) op IBAN BE 32751204161802 met vermelding GEELZUCHT II.
2) Je haalt het boek af.
GeelZucht II wordt officieel gepresenteerd op 2 augustus e.k. in boekhandel De Zondvloed in Roeselare. Meer info volgt. Wie het boek daar afhaalt, betaalt uiteraard géén verzendkosten en schrijft dus 15 euro over op IBAN BE 32751204161802 .
Als je naar de boekpresentatie komt, gelieve dit dan ook eventjes te mailen: deletterloods@gmail.com
GEELZUCHT II, ±70 pagina’s, hardcover, stofwikkel, genummerd, gesigneerd, €15,00 exclusief verzending.
(Tour 2011 – 2de rustdag*)
Op de berg de dwerg,
maar in zijn nietigheid het grootst,
fladderde hij kwiek en dartel,
fietste hij en danseuse,
bocht na bocht,
uit het zicht van
zijn gekortwiekte
tegenstanders
naar het geel
en het glorieuze.
En zelfs uit dit gedicht
over een superieure lichtgewicht.
- Patrick Cornillie
* Precies 35 jaar geleden, op 18 juli 1976, won Lucien Van Impe – als laatste Belg – de Ronde van Frankrijk
Met een verzuurde trek op je smoel,
dat afgepeigerde lijf, die benen van lood.
Hoestend en proestend jezelf naar boven
slepend, van kop tot teen in het rood.
Of op overschot nog, dwars door het gejoel
op weg naar de top, naar eeuwige roem.
En Charles Trenet die in je borstkas zingt:
‘Boum, quand notre coeur fait boum…’
- Patrick Cornillie
(Tour 2011 – rit 15 – Limoux – Montpellier – vlakke rit)
hier, op het liggende streepje
tussen twee bolle haken
verzetten we nog wat zinnen,
gaan op zoek naar het groen
in spleten tussen stenen en spelen
met de trappers als honden met de wind.
een commentator zet een deuntje op,
een oude man deelt cola uit,
heli’s zoomen in op kastelen en abdijen.
het regent niet. het regent niets.
en al maken stemmen nog gewag
van rotondes, bochten, smalle paden en tocht
aan de streep, het blijft droog
en groen.
- Sylvie Marie
Een lieveheersbeestje
kriebel, kriebel in de hand
Een rennertje in zakformaat
gedraaid uit kauwgomballenapparaat
lief mobieltje
dertien rode stippen
en een te grote pet
Klapte je de kinderhanden open
vloog het rennertje
naar de top van Tourmalet
Jaren later vind je hem op zolder
besmeurd met wat muizen
zoal achterlaten
een plaatje toch
nog altijd om te stelen
uit een album van Panini
En nu dertig jaar later
dit enorme metallieke bollenhoofd
op dunne schouders
roodwitte bits & bytes
de eerste fanfoto op een mousepad.
- Norbert De Beule
(Tour 2011 – rit 14 – Saint-Gaudens – Plateau de Beille – bergrit)
(Wat voorafgaat bij de start:)
Dat vandaag alles aan het dansen gaat:
het is voorspeld. En danseuse. Lopend
op de trappers voor een nieuwe martelgang.
Een col is iets verhevens tussen twee valleien in.
Er zijn er meer vandaag. Komt eerst de Portet d’Aspet
(Fabio Casartelli rijdt voor eeuwig met ons mee).
Volgen nog: de col de la Core, de Latrape
en die van Agnes. Wie uit de hoogte doet
komt zichzelf wel ergens tegen straks.
Dat Contador de sleutel heeft, ik wil het zien.
Geeft Voeckler, het mannetje, eindelijk en terecht
het geel terug? Andy en Frank, daltons on tour,
halen zij zachtjes sluipend uit vandaag
of speelt Basso ook nu weer de goede moordenaar?
En wat met Cadel? Jaagt hij eindelijk
de marmotten uit de spelonken van zijn hoofd
of leggen wij het straks met zijn allen
op het dienblad van Plateau de Beille?
- Paul Rigolle
Naschrift
(Wat lang na de aankomst nog blijft nazinderen:)
Een dame in een rode avondjurk wuift naar ons.
Mannen kraken in al hun voegen en lopen in de berm
zichzelf voorbij. Poupou reviens! is wat op
hun spandoek staat. De deur staat open achteraan
maar niemand durft. Wachten en blijven wachten
is het laatste leidmotief. Tot op Plateau de Beille
één man de kopgroep van de tenoren achterlaat.
Seconden worden uitgerekt. De gps wordt zot.
Vanendert! Vanendert is de naam
die hier nooit meer overgaat.
- Paul Rigolle
(Tour 2011 – rit 13 – Pau – Lourdes – bergrit)
Het handboek van De Schlecks
lag tussen wegenkaart en wijngids
op een tafeltje in de salon
Duizenden gouden kroonkurken
Altmunster gold
op de oprit
vormden het klimprofiel
van pakweg zo’n dertiende rit
in de Ronde van het Wonder
waar een reus
diende beklommen
met lood in de schoenen
in een grot moest worden afgedaald
Als het druppelde op de neus van Andy
veegde Fränk zich het voorhoofd
wanneer de broertjes rondjes draaiden
in de tuin en dolden met elkaar:
Wie wint in Lourdes wordt wereldkampioen
Zullen we samen nog een lijntje uitwerpen?
Wie vangt regenboogforel?
Wie grijpt gele trui?
Papa Johnny schonk zich nog een glas in
Château La Tour Haut-Brion
hertekende het parcours voor de volgende dag
terwijl gieren wachtten op hun prooi.
-Norbert De Beule
De namen van de gevallenen
de vertrapten uit de Laars
de verschopten uit de Ronde
van Morkhoven naar Mont des Allumettes
ik gedenk ze in mijn gebeden
De kamer waarin ik langzaam schrijf
steekt alle kaarsen aan die er te vinden zijn
Één lucifer vraagt nog om een wonder
Mijn moeder in een gele zomerjurk
komt eindelijk aan in Lourdes
Een meester tegen de chrono twittert
Being operated on Monday morning to put plate in.
My 2 dogs are also having there balls chopped off
Twee fietsen gebonden aan een looprek
verleggen dapper elke boomgrens
Mont des Amulettes spuwt vuur.
- Norbert De Beule
(Tour 2011 – Rit 12 – Cugnaux – Luz-Ardiden – bergrit)
op de dertiende dag hebben we nodig:
zo van die landschappen waarbij de bodem
aan de ene kant van de weg als een tafellaken wordt opgetild,
en waarbij aan de andere kant datzelfde laken de diepte in
valt.
ook een man die bol staat van ambitie,
een martelaar die de kruistocht op gang trekt
maar dan moet sterven, en niet zo’n beetje ook.
o, en wegen waarop de fietsen als wilde paarden
steigeren en de renners menners worden.
maar graag ook nog een greintje geluk
bijvoorbeeld dat onze vlag toch wappert
zelfs al wordt wéér dat andere volkslied gezongen
en dat de lotto op een haar na
ook zelf eens wint.
- Sylvie Marie
(Tour 2011 – Rit 12 – Cugnaux – Luz-Ardiden – bergrit)
een hoeika bij de demarrage van Johnny Hoogerland op 77 km van de finish
Johnny Hoogerland
moet doorgaan. Dóórgaan! Want we
zijn aan hem gehecht…
- Frank Pollet
(Tour 2011 – rit 11 – Blaye-les-Mines – Lavaur – vlakke rit)
Mister Cavendish, laten we
zeggen dat je het nu wel hebt gehad.
Morgen keert de Tour de vlakte de rug toe.
Morgen brengt je van de zege en de regen
naar de drop, naar de bergen en in het beste
geval een halfuur na Schleck en Contador
op en over de top.
Morgen, mister Cavendish, ben je het schoon
zat. Dan is er de klim, is er de karavaan en jij
die daar als genekte nog eens achteraan zwalkt
en niets meer merkt van de mooie vergezichten
en het publiek, niets meer begrijpt van het vuur
en de graffiti van een halve eeuw strijd op muurtjes
en het wegdek gekalkt – ‘Vive Anquetil’, ‘Allez
Pantani’ – de heroïek van de helden
in hun kamp met de natuur.
Diezelfde heroïek, die voor jou, mister
Cavendish, morgen werkelijkheid wordt
in één niet te harden kramp.
(En dan zienderogen verdampt.)
- Patrick Cornillie
(Tour 2011 – rit 10 – Aurillac – Carmaux – heuvelrit)
Win nog eens een etappe voor mij…
Jurgen Van den Broeck, gisteren tegen zijn ploegmaats
Ook dit is koers: snel rijden
over wegen van een golvend land
om zeer gauw aan de meet te zijn.
De hitte stuwt ons voort,
de laatste kilometer werkt op ons
zoals een rode driehoek op een stier
of twee.
Kleine dorpjes leggen grote fietsen
in de wei. Dag aan dag aan dag.
Een vlucht van vroege vogels
kleurt de dagen. Grijs. Dit is
een rit als een saai lief
[op weg naar het hoogland, het einde
van het Rijk van Keizer Hoogerland]
als dan: ‘Kijk hoe het scheurt!’ / ‘Wat
een grinta!’ / Geel zucht / ‘Groen
met verve’ / ‘Gilbert alleen
in het offensief’ / ‘Nog eens even
met allure’ / ‘Gilbert valt stil’ / ‘Ruijgh erop
en erover!’ / ‘Opletten voor manoeuvres
van inschietende mannen’ / ‘Wat een rotvaart’ /
‘Cavendish of Greipel’ / ‘Cavendish
of Greipel! / ‘Cavendish of Greipel?’
‘Greipel!’
- Frank Pollet
met dank aan Michel Wuyts en José De Cauwer
Er wordt danig de pees
opgelegd in zo’n Tourgedicht!
In zo’n peloton van volzinnen,
in kromgetrokken waaiers met
een gewicht aan woorden en een
metafoor die als linkadoor
kilometers lang op de loer ligt.
Het jargon in de bidon, de kracht
van adjectieven getrapt in kilowatt,
de gedachtestreep na een chasse patat.
Publiek en karavaan, uitzinnigheid,
kabaal, het hele verhaal tot op het bot.
Demarrages als even vele uitroeptekens.
Tempo en taal op het lint.
En de coureur die onder
de rode vod, de dichter die na
de komma zijn tweede adem vindt.
- Patrick Cornillie
(Tour 2011 – rustdag)
Hij haalt een nul op de schaal van Sjonnie
Good ol’ Johnny Hoogerland
haalt een tien op de schaal van Aanvalsdrift
Twee oorlogen overleefde Johnny
en een veldslag nabij Saint- Flour
Hij scoort nul op de schaal van Kraaijkamp
ook al moet hij vanuit het ziekenhuis
in een rokje weer de straat op
Ouwe taaie jippie, jippie jéé
krijgt een 10 op de schaal van Hardheid
(ruwe diamant en bloedsteen)
grote onderscheiding
op de schaal van Johnny Locke
wanneer hij de Epistola de tolerantia herschrijft
in de taal van Waarde en Krabbendijke
“Ongeremde boosheid
leidt tot dieper val”
Morgen klimt hij weer op de fiets.
- Norbert De Beule
Er moet een hemel zijn voor vergeten fietsen
waar alles cirkelt omheen een blauwe navel
Cervino derailleurs, Bianchi frames
rusten zonder dreiging van het schrikdraad
Een vakantiedorp gebouwd rond één ventieltje
Zonnige Groeten uit fietspomp van Gazelle
Arc de Triomph, Place de Cloches à Vélo
Flitsend rad van gebroken spaken
waarin alleen nog zonlicht draait om geel
één boogscheut verder dan de droom
van het jongetje met de driewieler
Het jongetje met de pet
Dag Solo-Superia
Of misschien toch dat ene fietswinkeltje
in een doodlopend steegje
in een vergeten dorp
Fietsen E. Labiek Sorgeloos
Gesloten van twaalf tot een.
Norbert De Beule
Foto: Marie De Maesschalck
(Tour 2011 – Rit 9 – Issoire – Saint-Flour – heuvelrit)
Unfortunately the guys that crashes the least is gonna win this race.
cannot watch it anymore
Twitterbericht van Janez Brajkovič
Het zou een rustig ritje worden met wat
kleine cols en een alliteratie hier en
hier. De zon zou schijnen en het landschap
zou de renners vredig kussen
zoals een miss de winnaar
van de dag: Philippe Gilbert. Maar dit
is de Ronde van de Rampspoed: in Frankrijk
blijkt het binnenland gewichtig als de weg
daalt en heet de Col du Pas de Peyrol
met de klap: polsbreuk, heupbreuk,
sleutelbeen- en schouderbladbreuk
en maait een wagen renners zomaar weg.
Coureurs in deze Ronde van de Rampspoed: als vliegen
vallen ze. De Tour is zwaarder
dan de zwaartekracht.
- Frank Pollet
(Tour 2011 – Rit 8 – Issoire – Saint-Flour – heuvelrit)
Het draadloze internet
van het Wielermuseum is op weg
naar Super-Besse Sancy. Van Roeselare
naar race en Roes, van Mandeldal
naar AG2R Mondial.
Ook de renners zijn traag verbonden
met het groene landschap
dat zich wrikt in de val
van de voorbije dag.
In het glasoog van een koe
trekt een kleurig lint voorbij.
Ze likt haar snoet nat, heft
een poot op, maar besluit toch
te blijven. [Die haal ik nooit in,
mijn weide is niet weids genoeg.]
Wij houden onze hond vast,
gooien hem een bot
uit een voorbije circusrit.
[Koest Vinok, in je hok!]
Pierre Rolland veegt de straat aan
met zijn regenjas. Vier heuvels
wachten op een beurt. Een groene
Movistar kleurt de film van de dag.
Het middelgebergte is gewoon
wat opwarming, bazelt een kenner.
Pas later begint het scrollen.
Wij zetten ons schrap voor
het splijten van het peloton,
voor het oprollen van onze volzinnen.
Springplank is het woord.
Zeeland maakt de klim, Vinok gromt,
de dondergod jaagt met een regenboog
op geel. Flecha gooit zijn pijl, Tiralongo
blaast zich de longen uit het lijf.
Wie parkeert, heeft
het zitten, maar de Movistar
blijft acteren zonder plafonneren.
Rui Faria da Costa, sterke cinema
op Super-Besse Sancy.
Het is
gedicht.
- Frank Pollet, Patrick Cornillie, Paul Rigolle, Norbert De Beule en Sylvie Marie
Zal ik mij vandaag verkleden
in wie ik ben? Een coureur op weg
naar Châteauroux, een prijsduif
in arc-en-ciel of tricolore trui.
Een leider in geel of in groen.
De overige coureurs verkleden
in wie zij moeten zijn. Een lakei,
een dienaar van het vak, tam en strak
in het pak, stevig in het livrei.
Het livrei van de broodheer: Sky,
HTC High Road, BMC, Vancansoleil.
Kleurrijk en synthetisch, gestileerd
en racy, merkelijk geheel en al
volgens het marketingplan.
Mooi en modieus dus, al leken ze
vroeger toch meer Mann.
- Patrick Cornillie
De weg loopt op. De regen maakt het spiegelglad.
Rotondes. Olievlekken. Eilanden in het verkeer.
Het asfalt weerkaatst de schrik in ons gezicht.
De helling zet zich door want elk hart,
ook dat van een stad zit hogerop. Bedevaart,
blind obstakel. Offergang. Alles op het lint nu.
Ze komen dieper uitgedraaid, verzopen katten
met de bibber op het lijf. Een wiel wipt op.
Een kuil. Een verhoogde zebrastreep.
De sprint wordt ingezet, we kijken weg
en doen de ogen dicht.
Maar Lisieux is en blijft een mirakelstad.
Iedereen blijft recht en Edvald schikt
en meet zijn sprint, schiet naar voor
en prikt in het zicht van de kathedraal
zijn glimlach als een Team Sky logo
aan de hemel vast.
Paul Rigolle
(Tour 2011 – Rit 5 – Carhaix – Cap Fréhel – vlakke rit)
Een rustig gedicht dat zichzelf schrijft
als de Tour in Bretagne
in het groen in de wind
inderhaast inderdaad –
in elke golf
van het landschap
staat een dorp te kust
en te keur / o fruits de mer / maar
voordat het gedicht de kans krijgt
smal en idyllisch te zijn [met Garmin
die een tijdlang de weg wijst en TomTom
die weer het noorden kwijt sprint] rijden renners in de val
van de zwaartekracht, een crisis
van de banken – Rabobank en Saxobank, het steenharde parket
van Quick-Step en RadioShack zingt twee tonen
lager: ‘Assistance Médicale’ / shake it! /
en in het zicht van de zee sprint Philippe Gilbert
zich een dag na datum toch nog jarig. Bijna.
Fuckin’ Cavendish!
- Frank Pollet
Evans, Cavendish, Cancellara,
Sanchez, Schleck en Contador.
Hinault, Hoban en Herrera,
Aimar, Anquetil en Poulidor.
Bahamontes, Jimenez, Pantani,
Delgado, LeMond, Fignon.
Gaul, Géminiani en Nencini,
Agostinho, Ocaña en Pingeon.
Kübler, Kader Zaaf, Anglade,
Danguillaume en Darrigade.
Walkowiak, Lazaridès en Poblet.
Robic, Brambila, Koblet, Bobet.
Bottecchia, Lapize, Lapebie,
Boerke Beeckman en Jules Lowie.
- Patrick Cornillie
zo zitten we onder tafel te gniffelen:
nog even en hij komt,
nog even en we springen
met toeters, confetti.
nog even.
gniffel.
shhhhht!
daar gaat de deur open.
daar knipt hij het licht aan.
onze beurt!
hij verwondert zich niet, sloft
gelaten richting sofa, ploft
zich neer en zegt:
‘ik wist het al, ik moest het wel.
ik wil sinds die verjaardag
van verrassingen
niets meer weten.’
- Sylvie Marie
<72 jongens, (gesloten kabels van het type)
in 4 tafelkleden fans,
bevestigd aan twee metalen palen
omgekeerde V, scharnierend aan de onderkant,
wiens hoofd ligt op ongeveer 130 m boven de laagste water.
Dit leert mij google in vertaling
als ik meer wil weten
over het aantal natte voeten
van de brug van Saint-Nazaire
(onder de brug van een heilige
is het goed crowdsurfen
op die ene spirituele golf)
Ik tuur gespannen (warhoofd zonder aarding)
op ongeveer 130 cm van het scherm
Zie in een flits meer dan 100 jongens
met spierkabels, remblokjes, stuurlinten
kleurige klanten van het open type
scharnierend in elkaar
193 pédaleurs de charme
met hun blitse peddels
maken jacht op 5 koplopers
(tafelkleed met motief van wilde klaver
vliegend nektapijt, oranje vloerkleed…)
Ben bang dat ze naar beneden storten
dieper dan het dansen van de golven
Au Secours! Aux larmes et cetaera!
193 tears in 193 eyes
Zie nu de brug in volle duizel
op een postzegel van 1975
als een stipje Johnny Hoogerland
Early Hardstyle Buzz (160 Bpm)
met op zijn donkerblauwe rug
een vermoeden van zon
Bonjour Vacansoleil
Dear Johnny Holiday, gogo …
daar is de blauwe luuuuuuuuucht!
Daar zijn de grote rollen zon!!
193 jongens met gekartelde randen
(36 jaar geleden ingeprent op gegomd papier)
dertien waaiers in de vreemdste kleuren
dragen de brug krachtig over de Loire
van de zuidelijke oever naar de overkant
Één reusachtig vlieglijf
met 1157 onbehaarde poten (van het pezige type)
en één vervaarlijke gele angel
(terwijl Vladimir Karpets valt
in zijn blauwrode kleedje van Katusha
rolt iemand nu de gele loper uit voor sprintbom)
Buzz buzz yello rocket ride!
- Norbert De Beule
Van kop af, van meet af aan. We schuiven in
en zoeken naar de tijd van de vijfde man
die ons straks wordt toebedeeld. Vergeet
de waterdruppel. Vergeet de vorm,
de luchtbel die om ons openklapt.
Ontbreekt de adem. Slaat het zweet
van wie voor ons rijdt in ons gezicht.
Wij zijn geen zangers, we zijn geen groep.
We zingen niet maar peren, boren, blèren.
We plooien onder het gewicht van wie
van ons de sterkste is, geven zonder stem
het geel weer af en proeven bloed dat
naar ijzer smaakt in onze mond.
Niets dat ons meer kan breken dan het gelid
van vrienden die ons achterlaten omdat
het lot dat met hen heeft voorgehad.
- Paul Rigolle
Gedicht voor de eerste honderd kilometer:
Velomee
Onder de zon glijdt de Passage du Gois
Over de Passage du Gois glijdt vroede de zon
Onder de zon op de Passage du Gois glijdt de coureur naar zee
Langs de hoogstand
langs het laagstrand
glijdt de coureur naar zee
glijdt met de glijdende zon de coureur naar zee
Zo zijn ze compagnons naar zee de coureur de zon en de Tour
Waarom glijden de zon en de Tour beiden weltevree
naar de zee
Gedicht voor de laatste kilometers:
Gele trui
En of we verzot zijn
op zo’n aangekondigde plot!
De held van Luik en Gits
die op de Mont des Alouttes
zijn eigen zege voorspelt.
En effectief ook wint.
Maar wat met de regisseur
en de tweede verhaallijn die hij
daarbij verzint? De staart en
het venijn: een meesterlijke zet
of wat wansmakelijk genot
om het Grote Complot?
Laat een toeschouwer
op 10 kilometer van de meet
wat breed over de weg leunen,
zodat een Astana en vervolgens
Contador en de hele meute tegen
de grond gaan als dominostenen.
Een toeschouwer
in gele trui, nota bene.
- Patrick Cornillie

bij het BK voor juniores op 22 mei 2011
Wielrennen in Wielsbeke is hijgen
in de heftigheid vanaf de eerste duw
op de pedalen, vanaf de eerste ruk
waarmee het peloton op tempo komt.
Koers is pure bodypain.
Wielrennen is Wielsbeke is a pain
in the ass als daar eensklaps slipjes
van Sloggi de ronde
doen, met daarin kleurige meisjes
vooral gekleed in verf
want wielrennen is ook bodypaint.
- Frank Pollet
Zo hoort de wereld de komende
weken te zijn: zeer Frans en feestelijk.
Met vlaggen, guirlandes en fanfares,
de zon in een glas wijn, beelden
van kastelen in vogelperspectief.
Zo zal de wereld drie weken lang
draaien: overrompeld door landschappen
en een uitzinnig publiek, ondergedompeld
in de epische strijd om de ritzege en het
geel, winst en verlies, triomf en tragiek.
In deze wereld hoort het zo te zijn:
van hotelkamer naar startplaats,
van aankomst naar podium,
van fiets naar massagetafel, van
volgwagen naar perszaal naar bed.
Het is zoals het daar drie weken doorgaat.
Voor mecanicien en coureur, journalist
en soigneur. Zonder besef dat daar buiten,
met zijn banaliteiten en voorspelbaarheid,
ergens nog een ander leven bestaat.
- Patrick Cornillie